Sluiten
Registratieprojecten

Leerling-meester

In het voorjaar 2022 is het nieuwe registratieproject Leerling-Meester van start gegaan in het Prentenkabinet. Het project Leerling-Meester is een van de inhaalbewegingen die Musea Brugge voert op vlak van collectieregistratie, gesubsidieerd door de Vlaamse Overheid. Het volgt op de eerdere subsidieprojecten ‘Verrijk de kijk op Brugge’ en ‘Hub! Van Depot tot digicollectie’.

Leopold Corvelinck Prent Leerling meester Musea Brugge
Notitieboek Garemijn Leerling meester Musea Brugge
Een notitieboekje van J.A. Garemijn in de handen van de registratoren

De verzameling tekeningen afkomstig van de Academie Brugge wordt onder de loep genomen en verdiepend geregistreerd. Het doel is de onderwijsmethodes van de academie te ontrafelen en digitale koppelingen te maken tussen onze academietekeningen, objecten uit de eigen collectie én externe collecties. Uit eigen collectie zijn er acht notitieboekjes van Jan Anton Garemijn die een unieke inkijk geven hoe de klas naar model georganiseerd werd. Het Stadsarchief Brugge huisvest een rijke collectie archiefstukken van de academie. En in de collecties van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Gent (KASK) en de Koninklijke Bibliotheek Brussel (KBR) vinden we prenten terug die de Academie Brugge ook gebruikte als lesmateriaal.

De academie Brugge Leerling meester Musea Brugge
Tekenmappen met academische studies naar prent, model en sculptuur.

De Academie Brugge

De verzameling academietekeningen werd aan het begin van de jaren 1990 overgebracht van de Stedelijke Academie voor Schone Kunsten Brugge naar Musea Brugge. Sindsdien wordt ze in het Prentenkabinet bewaard. Het gaat om tekeningen op papier, daterend van de tweede helft van de achttiende tot het begin van de twintigste eeuw. Binnen het huidige registratieproject ligt de focus op circa 850 figuurtekeningen daterend van 1755 tot 1892. Dit tijdskader overspant de periode van de ‘jointe’ of bestuursraad van de academie. Het is ook de periode waarin enkele leerlingen werden opgeleid die een belangrijke internationale carrière zouden uitbouwen. Denk hierbij aan kunstenaars als Joseph-Benoît Suvéé, Jean-Bernard Duvivier, François-Joseph Kinsoen en Joseph Ducq. Grote meesters die ook aanwezig zijn in de collectie neoclassicistische schilderkunst van Musea Brugge. Als tieners volgden zij tekenlessen aan de academie. Hun studies zijn prachtig bewaard gebleven.

Van Buylaere Studie Leerling meester Musea Brugge
Joseph van Buylaere, Academische studie naar sculptuur: Dansende Faun (detail), 1841

Concours om plaetse of prys

Wie of wat tekenden de leerlingen zoal? Dat was afhankelijk van de klas waarin de leerlingen ingeschreven waren. Er werd een opdeling gemaakt tussen figuur- en architectuurklassen. De afdeling figuur omvatte verschillende klassen, variërend doorheen de tijd. Vaste waarden zijn de klas naar model, de klas naar sculptuur, en de klassen naar prenten. De academie organiseerde ook wedstrijden. Zo werd bepaald wie als eerste een zitplaats mocht uitkiezen in het klaslokaal. Als absoluut hoogtepunt werd ook tweejaarlijks om prijs getekend. De beoordeling gebeurde steeds anoniem door middel van een letter- en nummersysteem. Het grootste deel van de academische studies in onze collectie is gemaakt in het kader van wedstrijden. Dat we soms meerdere tekeningen uit eenzelfde wedstrijd in bezit hebben, schept een mooi overzichtsbeeld van het oordeel van de jury. Leerlingenlijsten, wedstrijdreglementen en resultaten van prijskampen helpen om de tekeningen te kaderen en soms zelfs anonieme tekenaars te identificeren. Deze primaire bronnen vinden we terug in het Stadsarchief Brugge. Het registratieproces gaat dus hand in hand met opzoekingswerk.

Leopold Corvelinck Prent Leerling meester Musea Brugge
Links: Leopold Corvelinck, Academische studie naar prent: vrouw met frygische muts (Marianne), 1877. Rechts: prent (lithografie) van vrouw met frygische muts (Marianne)

Prenten als lesmateriaal

De leerlingen aan de academie startten gewoonlijk in de klas ‘naar prenten’. Hier leerden ze de grondbeginselen van de tekenkunst. Om over te gaan naar een hogere klas was het cruciaal om inzicht te hebben in de menselijke anatomie en het gebruik van correcte verhoudingen onder te knie te krijgen. Musea Brugge bezit een deel van het fysieke lesmateriaal (prenten) waarnaar getekend werd. Toch blijft het vaak zoeken welke prenten het onderwerp vormden van de studies. Het is een meerwaarde om relaties te leggen met externe collecties, zoals deze van het KASK en de KBR. Dit bevordert het identificatieproces en verbindt collecties over instellingen heen. Deze partners zetten hiervoor ook volop in op het registreren, digitaliseren en ontsluiten van academisch lesmateriaal. Voor het registratieluik van gerelateerde prenten in KASK starten we binnenkort een stagetraject.

Albertus Riethage Studie Leerling meester Musea Brugge
Albertus Riethage, Academische studie naar levend model: staand mannelijk naakt met draak, 1774

Naakte mannen en notitieboekjes

In de hoogste klas werd naar levend model getekend. Meteen valt op dat bij de modellen geen dames te bespeuren zijn: enkel jonge mannen kwamen in aanmerking. Hun gespierde, naakte lichamen werden in diverse houdingen en vanuit verschillende aanzichten getekend. Soms poseerden de modellen met attributen en werd een decor rondom hen geënsceneerd.

J A Garemijn Notitieboek Leerling meester Musea Brugge
J.A. Garemijn, notitieboek (fragment): schets staand mannelijk naakt met draak, 1774

Voor de periode 1766-1775 kunnen we concrete linken leggen tussen de modeltekeningen en de notitieboekjes van Jan Anton Garemijn, directeur van de academie. In zijn boekjes pende hij informatie neer over modellen en hun vergoedingen, afgewisseld met schetsen van hun poses en leuke anekdotes in de kantlijn. Om deze boekjes te registreren moeten ze eerst volledig ontcijferd worden. Ze zijn namelijk een bijzonder waardevolle bron die de lespraktijk aan de academie nog tastbaarder maakt. In totaal gaat het om acht notitieboekjes – het laatste boekje is een recente aanwinst van de collectie van het Prentenkabinet.

Heb je zin om in oude manuscripten te snuisteren en je talent voor paleografie te ontdekken? En ben je - net als ons - benieuwd naar de geheimen van de academie? Help ons dan om de notities van Garemijn te transcriberen via het online crowdsourcingstool DoeDat. In oktober gaan we van start, dus hou onze sociale media in de gaten en duik met ons mee in de geschiedenis van de Brugse academie.

Speciale dank gaat uit naar de verschillende partners die meehelpen dit project te realiseren: Koninklijke Bibliotheek Brussel (KBR), Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Gent (KASK), Academie Brugge DKO, VKC en meemoo, Stadsarchief Brugge, Openbare Bibliotheek Brugge, De Plantentuin Meise voor het beheer van het ‘DoeDat’ platform, en KMSKA.